Het leven van Riet staat veel in het teken van zorg. Ze werkt jarenlang met meervoudig gehandicapte kinderen en is mentor voor alleenstaande minderjarige asielzoekers. Ze zorgt voor haar kinderen en is op latere leeftijd de mantelzorger voor haar doof/blinde man.
Maar er zijn ook haar passies. Zoals schaatsen. Als zestienjarige krijgt ze een proefles kunstschaatsen. De trainer zegt: ‘Koop jij maar schaatsen, jij hebt talent.’ Vanaf dat moment is het ijs haar tweede thuis. Ze schaatst jarenlang samen met haar kleindochter. ‘Die momenten zijn goud waard.’ En toneelspelen is een grote passie van haar. Minstens twee keer per week repeteert ze, en zodra het kan, staat ze op de planken.
Uit het dal
Maar op haar 53e verandert alles. Een ernstig auto-ongeluk en een zware whiplash gooien haar leven overhoop. Ze kan nauwelijks nog functioneren, herkent mensen niet meer, autorijden is onmogelijk, acteren een verre droom. Het vergt veel, maar langzaam klimt ze uit dat dal. Ze begint haar eigen gedichten voor te dragen: eerst voorzichtig, dan met steeds meer vertrouwen. Het wordt haar redding: haar stem vindt opnieuw de weg naar buiten. En ze schept ruimte voor creativiteit.