Geschreven door: Alex van Scherpenzeel
18 juni 2026 • Leestijd: 2 minuten
De loonheffing komt in mindering op wat je uiteindelijk aan belasting en premie volksverzekeringen moet betalen. Bij de loonheffing hoort de loonheffingskorting. Je hebt namelijk recht op een korting op de te betalen belasting. Die korting zit dus ook in de loonheffing. Je hebt recht op één keer de korting. Daarom mag de loonheffingskorting maar op één van de inkomsten worden berekend.
Standaard past de Sociale Verzekeringsbank (SVB) de korting toe op de AOW. Het pensioenfonds houdt dan over elke euro pensioen loonheffing in. Is het verstandig om de loonheffingskorting op het andere inkomen te laten verrekenen? Bijvoorbeeld omdat dat inkomen hoger is? Dat is lood om oud ijzer. Het inkomen verandert daar niet mee, dus u betaalt niet meer of minder. Wel kan het het netto maandinkomen beïnvloeden en ook de hoogte van de eventuele nabetaling.
Een paar voorbeelden (2026).
Er wordt geen loonheffing op de AOW in gehouden. Op het pensioen wordt € 5.362 loonheffing ingehouden. Het netto maandinkomen is in deze situatie € 3.078.
Netto maandinkomen na verrekening nabetaling: € 3.035.
Loonheffing op de AOW: € 2.579. Op het pensioen wordt € 1.745 loonheffing ingehouden. Totale loonheffing € 4.324. Het netto maandinkomen is in deze situatie € 3.164.
Netto maandinkomen na verrekening nabetaling: € 3.035.