25 juni 2026 • Leestijd: 2 minuten
Anisa leeft van een minimuminkomen. Voor kleding gaat ze naar de kringloop, voor eten is ze afhankelijk van de voedselbank. “Ik vind het heel moeilijk. Ik schaam me kapot om daarnaartoe te gaan. Ik kijk altijd achterom of er niemand is die me ziet.” Anisa gaat niet naar de tandarts, terwijl ze een nieuwe brug nodig heeft. En ze mijdt de huisarts. “Als hij me doorverwijst, moet ik eigen risico betalen.”
Nou, Anisa is geen uitzondering. Van de 65-plussers met een niet-westerse migratieachtergrond leeft ruim 40 procent onder de armoedegrens. Van de ouderen zonder migratieachtergrond is dat 2,5 procent. Oorzaken zijn een onvolledige AOW, geen of een laag aanvullend pensioen, en het niet aanvragen van regelingen uit angst of door onbekendheid. Ook de kostendelersnorm speelt een rol: wie samenwoont met een volwassen kind krijgt een lagere uitkering.
Ik schaam me voor mijn financiële situatie
Anisa weet dat er gemeentelijke regelingen zijn, maar ondanks haar hoge opleiding weet ze niet hoe ze die moet aanvragen. “Ik durf zulke dingen niet te doen.” Ze had een dominante man die alles regelde en bepaalde. Nu moet ze dat zelf leren. Haar vriendin probeert haar te stimuleren om voor zichzelf op te komen. “Maar ik durf het nog steeds niet.” Haar zonen houdt ze er buiten. “Ik durf mijn jongens niet te zeggen dat het financieel niet goed gaat. Ik schaam me ervoor.”
Toch heeft Anisa een doel. Ze geeft sportles aan een groep eenzame Marokkaanse en Turkse vrouwen in haar buurt. “Dat vind ik geweldig om te doen. Het is psychisch goed voor me dat ik iets doe in het leven. Ik blijf gewoon lachen.” En als ze ooit wel naar de gemeente gaat, wil ze dat ook voor andere vrouwen doen.