'Ik dacht: waarom ben ik zo bang voor mijn eigen zoon?' | OuderENwijzer
Gezegd en gezwegen

'Ik dacht: waarom ben ik zo bang voor mijn eigen zoon?'

Geschreven door: Monica Boschman

 •  Leestijd: 3 minuten

Haar zoon is nu 42 en is al sinds zijn puberteit verslaafd. “Hij is wat mensen een verwarde man noemen”, zegt Linda (73). “Ik houd van hem, ik heb hem op de wereld gezet en als het niet goed met hem gaat wil ik iets doen. Maar soms ben ik ook bang van hem.”

“De verslaving, het niet weten waar hij is, de vergrijpen, het gemanipuleer om geld of spullen van me te krijgen, het verzwijgen voor mijn man dat ik toch weer een klein bedrag aan hem heb overgemaakt terwijl ik weet dat ik hem niet zou moeten helpen... En dan die voortdurende driftbuien van mijn zoon. Dan pompt hij zich op en is als een beest. Het maakt hem op dat moment niet uit dat ik zijn moeder ben. Ik heb een keer een half uur staan beven in een steegje nadat ik doodsbang van hem was weggerend. Ik dacht: waarom ben ik zo bang voor mijn eigen zoon? Maar het is net alsof hij op zo’n moment iemand anders is.”

“Hij was altijd al een moeilijk kind. We zochten hulp maar vonden die niet, ook al zijn we destijds bij veel specialisten geweest. Als puber raakte hij verslaafd en begon hij van ons te stelen. Wanneer wij weg waren, zette hij thuis de boel op zijn kop. We voelden ons niet meer veilig in ons eigen huis, zeker niet toen hij met dubieuze vrienden thuiskwam. Op zijn 18de werd hij na een psychotisch incident voor het eerst veroordeeld. Toen hij uit de gevangenis kwam, wilde hij niet stoppen met drugs. Toen heb ik – tegen mijn gevoel in – gezegd dat hij niet meer thuis kon wonen. De kamer die ik voor hem zocht, veranderde al snel in een drugshol en na drie maanden werd hij eruit gezet. Zo werd hij dakloos en is hij gaan zwerven.”

Een lange weg naar de juiste hulp

“Door zijn verslaving zakte hij zo ver af dat hij ging bedelen, stelen en mensen lastigvallen. Na een lange geschiedenis van kleine vergrijpen en straffen werd hij op zijn 26ste twee jaar opgenomen in een forensisch psychiatrische kliniek. Dat is een kliniek voor mensen met een psychiatrische stoornis die een strafbaar feit hebben gepleegd. Daar werd vastgesteld dat hij schizofrenie had. Hij probeerde met drugs te ontsnappen aan zijn demonen en is daardoor chronisch psychotisch geworden. Eindelijk was er een diagnose, maar het was inmiddels te laat voor een goede behandeling. In deze tijd zou hij als jong kind al een diagnose en hulp hebben gekregen. In de kliniek kreeg hij medicatie en gebruikte hij een tijdje geen drugs. Dat deed hem goed, maar eenmaal terug in de maatschappij begon alles weer van voren af aan. Ik ben blij dat hij nu weer twee jaar vastzit, dat zijn stoornis wordt aangepakt en hij geen drugs gebruikt.”

Als moeder blijf je hopen

"Ik bezoek hem een keer per maand, dat kan ik opbrengen. Ik praat ook met zijn hulpverleners en met maatschappelijk werk. Zo krijgen zij hopelijk een beter beeld van hem, zien ze hem niet als casus maar als mens. Niemand wil hem meer, ik ben de enige die nog achter hem staat. Misschien ben je daar ook moeder voor, al voelt het als wij tweeën tegen de rest van de wereld. Op zijn goede momenten waardeert hij wat ik voor hem doe. De laatste tijd kan ik zelfs weer een gesprek met hem voeren. Laatst vroeg hij: ‘Hoe moet ik nu verder mama? Ik zou ook een huis willen, een vriendin en een baan.’ Ik zei: ‘Dat kan nog, je bent nog jong, probeer het.’ Als moeder houd je altijd hoop. Ik heb hem op de wereld gezet en als het niet goed met hem gaat wil ik iets doen. Soms te veel.”

Ik laat hem niet vallen

“Wanneer vrienden en kennissen vertellen over de studies en banen van hun kinderen, zeg ik maar niets. Soms ben ik jaloers. Als er vragen komen over mijn kind, begin ik snel over mijn stiefkinderen en hun kinderen. Als omzeilen niet lukt, dan vertel ik dat mijn zoon schizofrenie heeft en in een kliniek zit, maar niet dat het een forensische kliniek is. Daar heb je haar weer met dat kind, was vroeger al vaak de reactie van vrienden als ik over hem vertelde. Met mijn familie kan ik erover praten, maar niet te vaak en niet te lang. En ook nu hoeft hij echt niet op een familiefeestje op te duiken, daarvoor heeft hij in zijn zieke toestand te veel kapotgemaakt. Voor mensen is het moeilijk om te bedenken: dit ben jij niet, dat is je ziekte. Soms wordt gezegd: laat hem toch vallen. Maar dat doe ik niet. Gelukkig zijn er ook vriendinnen en enkele familieleden die naar hem vragen. Die blijken van belangstelling helpen me om het te dragen.”


Niemand wil mijn zoon meer, ik ben de enige die nog achter hem staat

Ik kan hem niet blijven redden

“Volgend jaar komt hij vrij. Dan beginnen de onzekerheid en angst weer. Het zou me verbazen als het goed gaat. Hij kan zichzelf niet begrenzen, de verslaving is altijd de baas. Ik ben naast de hulpverleners het enige ‘gewone’ contact dat hij nog heeft. Verder heeft hij niemand. Ik heb met lotgenoten gesproken en een training gevolgd om beter met hem en de situatie om te kunnen gaan. Want hij weet me nog steeds te bespelen, waardoor ik hem toch weer geld en dingen wil geven. Elke vraag – ik heb honger, mijn horloge is kapot, ik heb schoenen nodig – klinkt redelijk, maar ik mag er niet meer in meegaan. Als hij belt, pak ik mijn lijstje antwoorden erbij: ‘dat is jouw probleem’ of ‘je moeder kan je niet helpen’. Ik lees het van een blaadje, tegen mijn gevoel in. Ik moet wachten tot hij zo ver is dat hij zelf geholpen wil worden.”

Elke goede dag is er één

“Hoe het met mij is? Je kunt het leven niet elke dag verschrikkelijk vinden. Ik houd me staande door te doen wat ik kan, al moet ik daarin voortdurend grenzen trekken. Het is niet aantrekkelijk om naar de toekomst te kijken, ik denk dat we een herhaling van zetten krijgen. Ik bekijk het per dag, elke goede dag is er één. Soms kijk ik naar dat verwilderde en vermagerde gezicht, naar die grote, stinkende man en denk: ergens daar binnenin zit mijn kind."

Heeft u ook hulp of ondersteuning nodig?

Novadic-Kentron is er voor verslaafden, hun naasten en professionals (www.novadic-kentron.nl). Ypsilon is er voor mensen met een psychische aandoening en hun naasten (www.ypsilon.org).

Reacties

Reactie

Uw e-mailadres wordt niet getoond. Alleen uw naam is zichtbaar bij de reactie.